Bij veel popliedjes is de tekst ondergeschikt aan de muziek. Je kunt zo'n liedje mee neuriën, maar de woorden beklijven niet. Tot er plotseling een zinnetje opduikt dat eruit steekt en wél blijft hangen. Denk aan: 'Hey, I just met you, and this is crazy', 'And if I could, I would stay' of 'We don't need no education!' Soms blijkt zelfs dat je het verkeerd hebt verstaan, maar dat hoeft niet uit te maken. Dit soort tekstflarden blijven je bij. Ze gaan als kleine levenswijsheden in je hoofd zitten, en worden ongemerkt tot piketpaaltjes van de levenskunst.Met de nodige humor beschrijft Jurriën Rood de tekstflarden die hem en ons vanaf de jaren zestig tot nu achtervolgen, waaronder: 'With a little help from my friends', 'Ben ik te min', 'Don't it always seem to go, that you don't know what you've got till it's gone', 'What's a man now, what's a man mean', 'En van al zijn jongensdromen, was alleen het oud worden gehaald'.Jurriën Rood is filosoof, filmmaker en muzikant. Hij schreef eerder onder meer Wat is er mis met gezag?, Dwaaltaal, Film en filosofie, en Lentz.